Berekeningen

Vitrage stofverbruik berekenen: formule en vuistregels

Maart 2026 · 5 min leestijd

Luchtige witte vitrage voor een hoog raam in warm daglicht

Vitrage lijkt eenvoudig: lichte stof, wat plooien, klaar. Maar een onderschatte plooifactor of vergeten zoommarge levert een dun, onvoldragen resultaat op — en een ontevreden klant. Hier leest u hoe u vitrage correct berekent.

Wat maakt vitrage anders dan reguliere gordijnen?

Vitrage — ook glasgordijn of voile genoemd — is een transparante of semi-transparante stof die direct voor het glas hangt. Omdat de stof licht en doorzichtig is, moet er méér volume in de plooi zitten om er gevuld uit te zien. Dat vertaalt zich in een hogere plooifactor dan bij zware stoffen.

Bovendien worden vitrages vaak op een aparte rail of roede bevestigd, vlak achter de kozijnrand. De railbreedte is daardoor soms gelijk aan de glasmaat — rekening houden met de juiste uitloop is cruciaal.

De basisformule voor vitrage

De formule is identiek aan die voor andere gordijntypes, maar de plooifactor ligt hoger:

Stofverbruik = ((Railbreedte × Plooifactor) / Stofbreedte) × (Hoogte + Zoom)

Gebruikelijke plooifactoren voor vitrage:

  • Rimpelband (smocked): factor 2,5
  • Voile / transparante vitrage: factor 3,0
  • Horren-vitrage (strak): factor 1,5 tot 2,0

Werkvoorbeeld: standaard vitrage

Railbreedte: 180 cm

Hoogte: 240 cm

Plooifactor: 2,5 (rimpelband)

Stofbreedte: 150 cm

Zoom: 16 cm (8 cm boven + 8 cm onder)


Banen: (180 × 2,5) / 150 = 3,0 banen

Totaal stofverbruik: 3,0 × (240 + 16) = 7,68 lopende meter

Stofbreedte en naden

Vitrage wordt vaak geleverd op breedtes van 150, 280 of zelfs 320 cm. Brede stoffen (280+ cm) worden soms in de breedte gebruikt — de hoogte van het gordijn wordt dan de "breedte" van de stofbaan. Dat vereist een andere berekeningslogica. Controleer altijd met uw leverancier of de stof breedtegewijs of lengtegewijs verwerkt wordt.

Bij het naainaden tussen banen telt u doorgaans 1 cm naad per aansluiting. Bij vitrage met een zichtbaar patroon of broderie rekent u extra voor rapportafstemming.

Vaste zoom vs. afneembare verzwaring

Sommige vitrages hebben een ingeweven verzwaringsband of loodkoord onderaan. In dat geval is de zoomdiepte onderaan groter (tot 12 cm). Andere stoffen worden afgewerkt met een smalle omslag van 3 cm. Bespreek de afwerking met de klant voor u de berekening maakt — het verschil in stofverbruik kan bij hoge ramen oplopen tot een halve meter per baan.

Veelgestelde vragen

Welke plooifactor gebruik ik voor vitrage?

Voor vitrage rekent u doorgaans met een plooifactor van 2,5 tot 3,0. Transparante en luchtige stoffen hebben meer volume nodig om er gevuld uit te zien; dunne voiles vragen zelfs factor 3,0 of hoger.

Reken ik met de raamopening of de railbreedte bij vitrage?

U rekent altijd met de railbreedte, niet de raamopening. De rail loopt doorgaans 5 tot 10 cm voorbij de kozijnrand aan elke zijde. Gebruik de gemeten raillengte als basis voor de berekening.

Hoeveel zoom reken ik bij vitrage?

Standaard rekent u 16 cm zoom: 8 cm onderaan en 8 cm bovenaan (inclusief plooiband of rimpelband). Bij vitrages met een gewichtsband onderaan kan dit oplopen tot 10 cm per kant.

Automatisch laten berekenen met Gordana

Gordana berekent het stofverbruik voor vitrage automatisch — inclusief de juiste plooifactor, breedte-indeling en zoommarge. U voert de railbreedte en hoogte in, kiest het stoftype, en de tool geeft direct het benodigde aantal lopende meters. Bekijk ook onze gids over plooifactoren voor alle gordijntypes voor een volledig overzicht.

Stop met handmatig vitrage berekenen

Gordana doet het rekenwerk voor u — van vitrage tot wave gordijn.

Plan een gratis demo